| Thema: Persmededeling, België, Armoede/Rijkdom, Werkgelegenheid
Minister De Coninck kopieert Duitse armoedemodel
Toen premier Di Rupo maandag te gast was bij de Duitse Bondskanselier Angela Merkel zei hij haar dat “Europa zich niet moet inspireren op het Duitse model”. Nochtans is dat net wat zijn minister van Werk, Monica De Coninck, doet. Zij pleit voor flexibelere arbeidscontracten, waarbij de patroons gemakkelijker mensen kunnen afdanken.
Persdienst PVDADe PVDA stelt zich vragen bij het dubbele discours van deze regering. “Terwijl de eerste minister in Duitsland – in het gezelschap van Angela Merkel – het Duitse model ‘niet exporteerbaar’ noemt, wijzen de recente verklaringen van Monica De Coninck over de hervorming van de arbeidsmarkt op een tegenovergestelde koers”, aldus Peter Mertens, voorzitter van de linkse partij.
Zo wil de minister van Werk flexibele contracten van zes tot acht maanden mogelijk maken. Die kunnen dan gemakkelijk worden opgezegd door de werkgever als de werknemer de voorwaarden niet gerespecteerd heeft. De minister pleit duidelijk voor het Duitse model. Haar hervormingsvoorstellen leiden tot een steeds grotere arbeidsflexibiliteit en tot contracten die steeds minder werkzekerheid bieden. Haar plannen volgen volledig het model dat in Duitsland ontwikkeld werd, en beantwoorden ook aan de eisen van de Europese Commissie.
De studiedienst van de PVDA stelt vast dat we hier weliswaar nog niet helemaal het “Duitse model” – waar 1 euro-jobs bestaan en waar interimarbeid de norm aan het worden is – ingevoerd hebben, maar dat we toch die weg aan het opgaan zijn. Sinds 2001 is deeltijds werk aan een sterke opmars bezig. Het aandeel ervan in de totale arbeid steeg van 18 naar 24%. Vandaag is een op de vier jobs een deeltijdse baan.[1] Het jongste Federaal Jaarboek over ‘Armoede in België’ stelt vast dat van alle mensen die onder de armoededrempel leven, een op de vijf een job heeft (voltijds of deeltijds). Een van de factoren die hierbij het meest spelen is de stijging van de tijdelijke arbeidsregimes.[2]
Ondanks deze zorgwekkende situatie wil de regering een versnelling hoger schakelen op het vlak van tijdelijk werk. In haar nota over het algemene arbeidsmarktbeleid zegt Monica De Coninck duidelijk dat ze ervoor wil zorgen “om de Europese richtlijn betreffende de uitzendarbeid om te zetten”. Ze wil van uitzendwerk dus de norm maken en het veralgemenen voor de hele werkende bevolking van België, net zoals in… Duitsland.
De PVDA is in het bijzonder gechoqueerd over de manier waarop Monica De Coninck spreekt over mensen die zich in maatschappelijk moeilijke situaties bevinden. De linkse partij is niet te spreken over de plannen van de minister om hen gedwongen aan het werk te zetten. Zo wil ze dat “maatschappelijk onaangepasten” – die ze weinig intelligent, te oud of alcohol- of drugverslaafd noemt – “werkzaamheden van openbaar nut” uitvoeren om ervoor te zorgen dat ze “geïntegreerd blijven in de samenleving”.
“Wij twijfelen er niet aan dat een stabiele, waardige job tegen menselijke arbeidsvoorwaarden de maatschappelijke integratie bevordert”, zegt PVDA-voorzitter Peter Mertens. “Maar de plannen van de minister van Werk zullen dat soort jobs net doen verdwijnen. Stabiele jobs zullen vervangen worden door zeer precaire vormen van werk, die eerder de sociale uitsluiting bevorderen dan ze uit de wereld te helpen. Armoede onder werkende mensen zal nog vaker voorkomen.”
“Er zijn twee landen waar een soortgelijke maatregel al is ingevoerd: Duitsland, waar je enkel sociale steun ontvangt als je een nauwelijks betaalde job aanvaardt, en… Hongarije, waar de armsten uitgebuit worden om een sociale uitkering te krijgen die dan nog onder de armoededrempel ligt.”
“Als linkse partij verzetten wij ons tegen een beleid dat zo nauw aanleunt bij dat Duitse model, dat ten eerste al bewezen heeft dat het tot armoede leidt en dat ten tweede ook nog eens de crisis verergert. Er is bestaat een alternatief voor dit bezuinigingsbeleid, en dat is: de allerrijksten doen mee betalen. De miljonairstaks, een belasting van 2% op de vermogens boven de één miljoen euro, is een ernstig alternatief om jobs te creëren en de sociale zekerheid te herfinancieren,” besluit Peter Mertens.
Persdienst PVDA
www.pvda.be
[1] Het aantal deeltijdse jobs steeg van 73.800 in 2001 naar 1.053.000 in 2010. Eurostat, oktober 2011.
[2] “Armoede in België”, Jaarboek 2012



