Button volg ons op Facebook
Button volg ons op twitter
31.08.10 17:00 | Leeftijd: 1 year
| Thema: België, België, Dossier communautaire crisis

Splitsing sociale zekerheid en fiscale autonomie: de N-VA wil nóg meer

De weg die de onderhandelaars de voorbije twee maanden insloegen was die van de evolutie van een federale staat naar een staatsvorm die meer en meer gesplitst is en de voorbode lijkt van de splitsing van het hele land. Een gevaarlijk pad, maar zelfs dat is niet genoeg voor de N-VA.

David Pestieau

1. De gewesten en gemeenschappen krijgen de overhand op de federale staat = gedeeltelijke splitsing van de sociale zekerheid

Op 30 juli doorbreekt Di Rupo een taboe: hij aanvaardt het uitgangspunt van de Vlaams-nationalisten: “Gezien de verkiezingsuitslag in Vlaanderen, weten we dat het zwaartepunt van België zich van het federale naar de deelstaten zal verplaatsen”.

Het is een signaal om de gedeeltelijke splitsing van de sociale zekerheid te aanvaarden waarvan nu nog 70 % van de openbare middelen federaal beheerd worden. Volgens het nu op tafel liggende principe zou meer dan 15 miljard euro naar gewesten en gemeenschappen overgeheveld worden:

• Splitsing van de kinderbijslag. Dat gaat over een bedrag van 5,5 miljard euro. De federale overheid zou de gewesten jaarlijks een bedrag toekennen berekend op basis van demografische criteria. De gewesten kunnen dat geld gebruiken zoals ze zelf willen, volgens regels die ze zelf bepalen. Daardoor zal een kind niet meer overal gelijk zijn.

• Splitsing van een deel van de gezondheidszorg. Preventie, rusthuizen, de eerstelijnszorg (huisartsengeneeskunde) en geestelijke gezondheidszorg zouden gewestelijke bevoegdheden worden. Daardoor zal de verzorging in noord en zuid steeds meer van elkaar gaan verschillen, hoewel virussen en bacteriën zich niet storen aan de taalgrenzen.

• Splitsing van het arbeidsmarktbeleid. Meer bepaald de controle op de activering van werklozen en het doelgroepenbeleid (waarvan de tewerkstelling gesubsidieerd wordt). De duurtijd en het bedrag van de werkloosheidsuitkering zou over het hele land hetzelfde blijven. Maar als de gewesten morgen zelf definiëren wat verstaan moet worden onder “beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt”, “passend werk” en “actief werk zoeken”, en als het sanctioneringbeleid in het ene gewest anders kan zijn dan in het andere, dan betekent dat het einde van eenzelfde sociale zekerheid in Vlaanderen en Wallonië.

• Ook wil men sommige aspecten van justitie, mobiliteit, wetenschappelijk onderzoek, huurwetgeving, toerisme splitsen…

In totaal zou voor meer dan 15,8 miljard euro bevoegdheden naar de gewesten en gemeenschappen overgedragen worden. Met wat nu op tafel ligt zou 49 % van de federaal geïnde belastingen en taksen naar de deelstaten overgeheveld worden.

2. Nieuwe financieringswet leidt naar fiscale autonomie en naar concurrentie tussen de gewesten

Door de crisis die de N-VA op 18 augustus veroorzaakt, gaat preformateur Di Rupo akkoord met het principe van een herziening van de financieringswet. Op 24 augustus geraakt men het eens over een gedeeltelijke herziening van die financieringswet. Waarover gaat het? Er zijn overdrachten van bevoegdheden van het federale niveau naar de gewesten (zie punt 1). Maar met de vandaag bestaande financieringswet komt een groot deel van de middelen voor de gewesten en gemeenschappen uit dotaties van de federale staat. Die int de belastingen en keert vervolgens aan elk gewest een dotatie uit in verhouding tot de belastingen die ze in elk gewest heeft geïnd. Tegelijk bevat de huidige wet solidariteitsmechanismen die lagere inkomsten van een armer gewest (vandaag Wallonië en Brussel) gedeeltelijk compenseren.

De N-VA, hierin gevolgd door CD&V, heeft het principe van de fiscale autonomie naar voren geschoven: ze willen dat de gewesten voortaan de belastingen innen (personen- en vennootschapsbelastingen) en dan naar federaal overhevelen wat federaal toekomt. Daardoor zou de federale regering volledig afhankelijk worden van de gewesten. Vlaanderen dat rijker is dan Wallonië zou uit die belastingen twee maal zoveel inkomsten halen als Wallonië. Dat zou een inperking zonder voorgaande betekenen van de middelen waarover Brussel en Wallonië kunnen beschikken.

Het princiepsakkoord aanvaardt een gedeeltelijke fiscale autonomie door de manoeuvreerruimte van de gewesten uit te breiden. Die zullen dus fiscale kortingen kunnen aanbieden – die ze zelf financieren – of belastingverhogingen kunnen invoeren (bij een deficit bijvoorbeeld) ten opzichte van de personen- en vennootschapsbelasting die de federale staat vastlegt.

Voorwaarde was dat men niet zou raken aan de solidariteitsmechanismen uit de financieringswetten van het verleden. En dat de gehanteerde criteria niet leiden tot verarming van een deel van de bevolking. Maar dat principe zal geen lang leven beschoren zijn als men de logica van een fiscale autonomie aanvaardt.

Het principe van de responsabilisering dat N-VA en CD&V willen, werd ook aanvaard. Er zou nu een beloningsmechanisme komen en een financiële bestraffing voor de gewesten en gemeenschappen die bepaalde vastgelegde doelstellingen niet halen. Bijvoorbeeld een te bepalen aantal gesanctioneerde of opnieuw tewerkgestelde werklozen, een verhoging van de belastinginkomsten…

Maar al die toegevingen volstaan nog niet voor de N-VA. Zij willen nog verder gaan.